Ongewenst gedrag op de werkvloer: Wat zeggen de cijfers?
Vertrouwenspersonen ongewenste omgangsvormen vangen medewerkers op die te maken krijgen met ongewenst gedrag op het werk. Vooral intern ongewenst gedrag – afkomstig van collega’s en of leiding – ligt vaak gevoelig en is niet altijd makkelijk bespreekbaar.
Maar hoe vaak komen verschillende vormen van ongewenste omgangsvormen eigenlijk voor?
De Nationale Enquête Arbeidsomstandigheden (NEA), die jaarlijks door TNO en het CBS wordt uitgevoerd onder een grote steekproef, geeft hier inzicht in. In 2024 beantwoordden meer dan 30.000 medewerkers vragen over ongewenste omgangsvormen in de afgelopen 12 maanden op het werk.
In 2024 had 17% van de werknemers in de afgelopen twaalf maanden te maken met enige vorm van ongewenst gedrag op het werk. Ongewenst gedrag van externen (11,4%) komt over het algemeen meer voor dan ongewenst gedrag van internen (6,9%), behalve als het gaat om pesten. Pesten wordt vaker door internen (4%) dan door externen (1,2%) gerapporteerd.
Vraagteksten in de NEA (2024)
Heeft u zelf in de afgelopen 12 maanden in uw werk weleens te maken gehad met
... ongewenste seksuele aandacht?
... intimidaties of bedreigingen?
… lichamelijk geweld?
... pesten?
Antwoordmogelijkheden (meerdere antwoorden mogelijk):
- Ja, door klanten (klanten kunnen ook patiënten, passagiers, leerlingen of ouders zijn)
- Ja, door collega’s
- Ja, door leidinggevenden
- Nee
Hubert Consult heeft de gegevens uit het onderzoek vertaald naar een overzichtelijk kolomdiagram. Daaruit blijkt dat bij intern ongewenst gedrag pesten (4%) en agressie – zoals intimidatie of bedreigingen (2,9%) – het meest voorkomen.
Discriminatie is niet in dit overzicht opgenomen. In de vragenlijst is namelijk geen onderscheid gemaakt tussen discriminatie door interne of externe betrokkenen.
Vraagtekst in de NEA:
Heeft u zich in de afgelopen 12 maanden gediscrimineerd gevoeld op uw werk? (meerdere antwoorden mogelijk)
- Nee
- Ja, vanwege mijn geslacht
- Ja, vanwege mijn afkomst, huidskleur of nationaliteit
- Ja, vanwege mijn godsdienst of levensovertuiging
- Ja, vanwege mijn seksuele geaardheid/voorkeur
- Ja, vanwege mijn leeftijd
- Ja, vanwege mijn langdurige ziekte, aandoening of handicap
- Ja, vanwege mijn werktijden (voltijd- of deeltijdwerk) of mijn contractvorm (tijdelijk of vast)
- Ja, vanwege mijn politieke voorkeur
- Ja, vanwege mijn zwangerschap)
- Ja, vanwege een andere reden
Op de vraag: ‘Heeft u zich in de afgelopen 12 maanden gediscrimineerd gevoeld op uw werk?’ antwoordde 11,4% van de medewerkers bevestigend. Discriminatie vanwege afkomst, huidskleur of nationaliteit (3,4%) en vanwege leeftijd (2,9%) kwamen het meest voor, gevolgd door discriminatie vanwege geslacht (2,1%). Andere vormen van discriminatie,
zoals vanwege godsdienst of levensovertuiging en vanwege seksuele geaardheid of voorkeur, werden minder genoemd.
Meer lezen over het onderzoek: Publicatie TNO
